Een grafsteen in de Sint-Andrieskerk in Antwerpen

 

In wat vroeger “de parochie van de miserie” werd genoemd staat sinds het  begin van de 16de eeuw de  Sint-Andrieskerk. Oorspronkelijk een kerk gelinkt aan een klooster dat door Augustijnen van de Saksische Congregatie uit Enkhuizen werd opgericht, werd het enkele jaren later een parochiekerk omdat het klooster wegens Lutherse sympathieën werd gesloten.  Tijdens de beeldenstorm in de woelige zestiende eeuw werden in deze kerk vernielingen aangericht. In dezelfde periode moest een deel van de kerk worden afgestaan aan de gereformeerden, maar na de val van Antwerpen en het herstel van de Katholieke eredienst werd de kerk - in verschillende fasen - verder afgewerkt.

Het ontstaan van de kerk wordt beschreven in een werk van pastoor Visschers, dat toepasselijk de naam draagt “Geschiedenis van Sint Andrieskerk te Antwerpen - sedert hare opkomst tot den huidigen dag”. Pieter-Jozef Visschers was pastoor in de kerk van juni 1843 tot aan zijn dood op 11 juni 1861. Hij was zeer geliefd in zijn parochie, en een plein aan de kerk draagt zijn naam. Hij maakte naam als auteur van verschillende boeken, onder meer het bovengenoemde over de St-Andrieskerk.

Van belang voor ons verhaal is dat Pastoor Visschers heel wat grafschriften heeft genoteerd. Hij heeft er zelfs een apart werk (“Verzameling van Grafschriften in Sint-Andries”) aan gewijd. Eén van die grafschriften vermeldt een familie Laukens,  en dateert uit het begin van de achttiende eeuw.

 

 

  

Oude grafschriften van naamgenoten zijn zeldzaam: we kennen één grafkruis dat nu nog te zien is aan de kerk van Achel, afkomstig van het graf van Jan Laukens, schepen van de schepenbank van Grevenbroek. Hij overleed in 1678. De mogelijkheid dat nog een grafsteen van een Laukens in de St-Andrieskerk in Antwerpen zou terug te vinden zijn diende uiteraard onderzocht, temeer aangezien de plaatsbeschrijving (“in het cruyswerck”) erg nauwkeurig is! Een bezoek ter plaatse leverde evenwel niets op: Bij één van de keren dat de vloer van de kerk werd opgebroken en opnieuw gelegd moet de steen verdwenen zijn. En gemiste kans dus! 

Het is zo goed als zeker dat  pastoor Visschers het grafschrift niet zélf heeft genoteerd, want één jaar voor zijn benoeming in 1843 werd de vloer nog eens heraangelegd.  Zelf schrijft hij dat hij deelwijze voortgegaan is op wat anderen tevoren genoteerd hadden. Bovenstaande tekst is duidelijk geen letterlijke transcriptie van het grafschrift, maar een beschrijving van de grafsteen en de plaats waar die zou gelegen hebben. 

De vermelding onder het jaartal 1724, “T.II. bl 484” is daarbij mogelijk een verwijzing naar het basisdocument waar hij de gegevens vandaan haalde.

 

Niet alleen Hendrick Laukens en zijn vrouw, maar ook hun dochter lag onder de steen begraven:

 

 

  

Wie was nu die Henricus Laukens? 

In de parochieregisters van St-Andries vonden we het huwelijk van Henricus Laukens en Elisabeth Peeters op 8 juli 1698. Zij kregen vier kinderen:

-         Laukens Henricus: gedoopt op 18 juni 1700, maar waarschijnlijk kort daarop overleden

-         Laukens Henricus: gedoopt 19 december 1701

-         Laukens Antonia Elisabeth: gedoopt 13 juni 1704, en volgens de grafsteen overleden op 12 december 1714

-         Laukens Jacobus: geboren 5 mei 1707

Jacobus Laukens, huwde tweemaal, een eerste keer op 26 oktober 1734 met Catharina Van Son, een tweede op 30 november 1742 met Anna Maria Landeijn. Uit beide huwelijken samen werden zes kinderen geboren.

E.e.a. resulteerde in volgend parenteel: 

 

 

 

 

Is er nu een link met onze familie? Veel weten we nog niet, maar we hebben géén geboorte van Henricus Laukens (de vader) kunnen terugvinden in Antwerpen. Blijkbaar is hij elders geboren, en pas nadien (bij zijn huwelijk?) in de St-Andriesparochie terechtgekomen. Verder hebben we in onze data base drie personen met de naam Henricus Laukens, die geboren zijn in Achel of Hamont, en waarvan we nadien het spoor bijster zijn. Eén daarvan, de zoon van Theodoor Laukens en Catharina Janssen, werd geboren op 28 september 1675, en komt daardoor qua leeftijd het meest in aanmerking (huwelijk in 1698).

Soms kan men, op basis van de naam van de kinderen, en van de namen van peter en meter, een verband leggen. In dit geval geven deze namen echter geen verdere indicatie. Het is voorlopig dus gissen naar een mogelijke link met onze familie.

Er is ook geen link met de naamgenoten die we later, in de negentiende eeuw, terugvinden in Antwerpen, en die wel degelijk van Achel afkomstig waren.